De berg

In de verte zie ik een berg. De groengekleurde top steekt boven de wolken uit. Er bloeien kleurrijke bloemen op de top van de berg. Ik zie de vrolijkheid van dartelende lammetjes, vlinders die fladderen en hoe de zon er de warmte afgeeft. De lucht is ijler op deze hoogte waardoor het leven lichter aan zou moeten voelen. Ik fantaseer hoe geweldig het zou zijn als ik op die berg mijn leven zou kunnen voortzetten. Ik zie mijn geluk al schitteren in de verte!

Eenmaal terug in de realiteit kijk ik om mij heen. Ik sta op een berg. Ik heb al veel bereikt in het leven maar de berg is lang niet zo mooi en kleurrijk als het exemplaar in de verte. De grond is droog, dor zelfs. Er bloeien wel wat bloemen maar ze durven lang niet zo mooi en uitbundig te bloeien als op de andere berg.  Getreurd besef ik dat ik veel meer zou kunnen bereiken. Dingen die voor anderen misschien vanzelfsprekend zijn, zouden ook voor mij werkelijkheid kunnen worden. Ik zou zoveel meer kunnen bereiken, als ik maar…!

‘Wat wil je nou..?’ vraagt het leven mij, als ik al stilstaand de situatie bekijk. ‘Ik kan je niet helpen hoor als je niet weet wat je wilt! Pas als je weet wat je wilt zal je vinden wat je zoekt!’
Ik twijfel en kijk het leven aan.
‘Als je duidelijk weet wat je wilt en het goed voor je is, zal ik je inzet belonen en zal je zien dat puzzelstukjes als vanzelf in elkaar vallen. Zoniet, dan zal ik je heel ongemerkt een ander pad op dirigeren. Een ander en momenteel niet jouw gewenste bestemming’, zegt het plagerig.
Ik kijk het leven aan en bedenk mij dat ik maar beter niet aan hem kan vragen welk denken goed is, om een juiste keuze te kunnen maken.

Vanaf de berg kijk ik naar beneden. Een angstaanjagende diepte lijk ik in de ogen aan te kijken. Opkijkend naar de geliefde groene berg besef ik dat ik niet anders kan dan afdalen als ik vooruitgang wil. Diepte inschatten vanaf hoogte is onmogelijk en ik hoop dat het niet te diep zal zijn. Ik zal door de angst heen moeten en geven wat buiten mijn comfortzone ligt. Angst trotseren is winnen en mijn moed lonkt.

Ik besluit ervoor te gaan, neem ik een beentje uit een hazenpoot en het afdalen gaat als vallend water wat in het dal tot een rustig stromen veranderd. Waar mijn eenzaamheid een gelegenheid tot reflectie wordt als start naar een heel nieuw begin.

*beentje uit een hazensprong – sprong, splitsing in de weg

Libelle

Midden in het bos kabbelt het water onder mijn voeten door. Vanaf de veranda kijk ik uit over een meer wat omgeven is door flinke naaldbomen. Het is een zonnige lentedag en al genietend kijk ik naar de vele waterjuffers die het meer rijk is. Het is hier meer dan een idyllisch plekje.
Een kikker steekt zijn kopje boven water. Als hij mij ziet duikt hij van schrik kopje onder.
Het heldere water geeft mij de gelegenheid om hem te volgen. Hij verstopt zich onder een vastzittend stuk hout op de bodem van het meer. Kikkerbillen die er net niet onder passen verraden aandoenlijk zijn verstopplek. Onder water zie ik beestjes heen en weer zwemmen. Er zwemt een larve van een libelle voorbij. Deze ‘dragonfly’ mist schoonheid in elk deel van het woord. Ze wordt onder water in een eitje geboren, zwemt als larve in het meer en als het oud genoeg is kruipt het op de kant om als libelle de wereld rond te vliegen.

Nieuwsgierig hang ik over de veranda en oppassend dat ik niet in het water val, bekijk ik de onderkant van het houtwerk. Ik tref een zelfde ‘draak’ die zijn plek aan de boeg heeft gevonden. Zijn huidje ligt inmiddels onder hem. Het proces van ‘uitsluipen’ is net klaar. Nu is het wachten tot zijn vleugels gedroogd zijn en het getransformeerd de wereld in kan vliegen vol goede moed.

Er drijft een houtje op het water. Een prachtig gekleurde libelle laat zich erop meedrijven.
Ik bekijk de libelle vanaf de plek waar net zijn soortgenoot een transformatie heeft ondergaan. Hoe vaak krijgen wij een blik naar wat de toekomst mogelijk kan zijn? Transformeren is voor ons mens niets anders dan oude denkbeelden loslaten. Loslaten in wat wij bang zijn te verliezen. We denken vaak dat we er totaal aan onderdoor gaan, maar is dat werkelijk wel zo? Heeft het leven niet het beste met ons voor op lange duur? Is het willen zien dat de toekomst ons goed gezind is niet een nieuwe manier van vasthouden? Zelf zit ik in de nog steeds in de transformatiefase en moet ik leren alles los te laten wat mij lief is. Net als ik het ene heb kunnen loslaten dient het andere zich aan. Materialistisch gezien maar ook om hetgeen wat mij bijzonder aan het hart gaat. En dat laatste gaat gepaard met veel hartzeer. Onze intelligentie is te sterk ontwikkeld waardoor loslaten bijna een onmogelijke opgave lijkt. Leegte wil gevuld worden, met een glaasje wijn, met vrienden, met een huisdier. Maar wat als je leegte zou opvullen met geaccepteerde leegte? Loslaten brengt vrijheid.

Als het proces van loslaten is geschiedt kan er een heel nieuw begin verschijnen. Ik weet dat het zo werkt maar het daadwerkelijk ondergaan is van moeilijker aard. Het vinden van geduld speelt mij parten. En ook dat is een vorm van nog niet geheel kunnen loslaten. Gek genoeg ligt altijd dat wat je wilt bereiken net buiten bereik. Altijd net even een stap buiten je comfortzone. Terwijl die zone net zo comfortabel zou kunnen zijn als je jezelf toestaat.

Ik kijk naar de libelle op het houtje. Het beeld is mooier dan wat ik zou kunnen dromen. Het drijft rustig mee met de kleine golfjes die zorgen dat de natuur voortbeweegt. Het beste kan ik meebewegen als een golfje in het water. Soms zal ik als golfje onderbroken worden door een takje wat op het water drijft. Ik zal ertegenaan botsen, kopje onder gaan met de kennis dat ik daarna weer boven kom, verder dein tot mijn voeten vaste grond vinden aan de oever van de waterkant.

 

 

 

Verpoppen

Ken je dat gevoel van gevangen zitten? Ik doel natuurlijk niet op het oponthoud hebben in een file of omdat je vast staat in de rij bij een kassa. (omdat je dacht dat de kortste rij de snelste zou zijn.) Nee, ik bedoel het gevangen zitten als een rups die vastzit in een cocon die zich verpopt. Eerst was het leven prima als rups. Je kon eten tot je erbij neerviel en aankomen deed je niet. Sportscholen en andere fitnessclubjes wuifde je van de hand. Niet nodig. Het leven was een groot feest. Tot er een moment komt dat je gaat transformeren. Niet dat je doelbewust hebt gekozen om te gaan veranderen. Het gebeurt gewoon. Je maakt een simpele keuze en ineens lijkt het of de wereld met je mee verandert. Terwijl jij het bent die transformeert en de wereld uiteindelijk anders gaat bekijken. Waardoor de maatschappij als een spiegel werkt als reactie op jouw transformatie.

Vergelijk het met een rups, daarvan staat vast dat hij moet transformeren. Hij weet dat een nieuwe fase in zijn leven op hem wacht. Hij eet zich bomvol en naarmate hij ouder wordt vervelt zijn huid. Hij weet dat hij moet blijven eten tot zijn huid openbarst en de transformatie naar een nieuw ‘zijn’ is ingezet.

Nu hangt de cocon in camouflagekleuren aan een tak. Net zoals in het echte leven wordt je in deze situatie niet echt gezien. Er gebeurt niets spannends zolang je in de wacht staat. En alleen al om die redenen duurt wachten lang. Sommige onder ons blijven liever veilig in deze fase hangen. Ze willen wel maar durven niet. Ziet de wereld jou eigenlijk wel als je een rups bent? Of ligt de toekomst pas daar als je daadwerkelijk een vlinder bent geworden? En wat nu als je een nachtvlinder wordt? Zal je dan ooit pieken in je leven of wordt je alleen gezien door degene die jou bewust gaat zoeken?

En dan niet te vergeten het enorme geduld wat je moet hebben daar in die cocon. En daar bevind ik mij dus. Als een pop hang ik in een cocon. Oefenen in heel geduldig zijn, vergeefs zoekend naar vertier en tegelijkertijd afvragend wanneer de tijd juist genoeg is om naar buiten te treden. En zal dan alles zijn zoals je stiekem hoopt? Weet je als pop wanneer het juiste moment is aangebroken om naar buiten te treden zodat de zon je vleugels kan drogen? En wat nu als je naar buiten treedt en het regent dat het giet? In Nederland is die kans groot!

Toch weet ik zeker dat ik mij, net als de vlinder, niet zal weerhouden te transformeren. Binnenkort kruip ik uit mijn cocon. En vlieg ik de wijde wereld in als een prachtige en zelfverzekerde vlinder. En het geheim van een goede vlucht is deze: je moet het onmiddellijk doen, voordat je lichaam beseft dat het hoogtevrees zou kunnen hebben. Voordat je denkt dat je het niet kan. Want elke keer dat je denkt dat je het niet kunt zal angst je stevig aan de grond houden, verlies je de capaciteit om het automatisch te doen, en mis je misschien wel je allermooiste bestemming!

 

 

 

 

Open Huizen Dag

Als de eerste lentestralen ons kikkerlandje bereiken, slaat de onrust toe en wil men verhuizen. De ‘Te Koop aangeboden’ borden worden volledig afgestoft stevig in menig voortuin geprikt. Met goede moed overigens. Het is Open Huizen Dag en het is lente, wat staat voor een nieuw begin. Daar hoort optimisme bij! De huidige bewoner denkt niet aan verkoop met verlies en kan nauwelijks wachten om hun eigen gekozen nieuwe optrekje te bekijken. Alvorens de woning bekeken is, is het al met rijke fantasieën gevuld.

Dit weekend was het Open Huizen dag. In mijn tuin wel te verstaan. Verschillende vogelhuisjes werden, al dan niet met verkoop- en aankoopmakelaar, druk bezocht. En deze gevleugelde vrienden zijn net als wij mensen kieskeurig als het om een nieuw optrekje gaat.

De Vinex wijk aan de schutting met felgekleurde woningen is overduidelijk niet in trek. Een koolmezenpaar die zich al vroeg in de morgen op huizenmarkt begaf liet deze nieuwbouwwijk links liggen. Het gevaar voor katten en roofdieren die een aantrekkingskracht hebben op felle kleuren van de woning acht dit paar te groot. Ook houden ze graag afstand van de buren. Ze vlogen door naar de oude kern van de tuin waar ze de wijk met neutrale woningen bekeken. Saai van kleur maar wel veilig. Hier werd de binnenkant van de woning zorgvuldig gekeurd op temperatuur. Bouwmaterialen dienen 1.5 cm dik te zijn, zoniet dan is de woning snel te warm of te koud. Ik zag een tevreden mezenechtpaar.

Ook de pimpelmezen hadden notie gekregen van de Open Huizen Dag en bezochten samen met de makelaar een vrijstaande villa in een bladerrijke omgeving. De makelaar deed zijn best om de potentiele bewoners te overtuigen dat de aanvliegroute perfect was gesitueerd bij deze villa. De mezen dachten er beduidend anders over. Vliegen en navigeren was niet wenselijk als je tussen bladeren en takken door strak voor de voordeur wilt kunnen landen. ‘Ze zochten graag nog even verder’ hoorde ik ze naroepen en vlogen de laan uit.

Een jong musje bezocht op eigen kracht de huizenmarkt. Ze vloog in en uit een holletje gesitueerd onder de dakpannen. Ze kiest duidelijk voor de optie huur ipv koop dit seizoen. Ze moest alleen haar partner nog zien te overtuigen dat ze deze plek toch het meest geschikt achtte voor haar te verwachten kroost.

De roodborst bekeek samen met mij het tafereel op de woningmarkt. Ze is een beschermd soort en heeft haar nest tussen de struiken al gevonden. Ze is met weinig tevreden. Ik denk dat ik zelf ook maar eens de woningmarkt opga. Op zoek naar een nieuw begin, vol optimisme uiteraard. Al is het maar om verzonnen ruimtes te vullen met rijke fantasieën.

Een nieuwe tuin

Sinds kort heb ik door een verhuizing een nieuwe tuin. En hoewel de tuin nog steeds midden in de stad ligt en je met recht mag spreken van een stadstuin, is deze toch landelijker van aard dan mijn vorige. Het leuke van deze tuin is dat er elke dag een hommel doorheen vliegt en zijn lunch nuttigt op een heidestruik. Even geleden stond het er nog vol met buxus. Nietszeggende strak geknipte bollen waar nymfen, zoals motten en schimmels hun lunch nuttigen en lang blijven hangen. Ik vond dat niet gepast voor mijn trouwe hommel. Ongenode gasten en een niet bijster interessant publiek.

Daarom heb ik besloten hem binnenkort te gaan verrassen met een nieuw centrum. Na uren van ploeteren was heel de oppervlakte kaal en werd mijn tuin voorzien van graszaad. Langzaam richten de eerste sprietjes zich richting de hemel. Nu is het hopen dat de hommel blij is met het plezier dat ik hem wil gunnen. Een heus gazon! Zelf kan ik niet wachten op de eerste maaibeurt van deze lente en de bijbehorende geur van vers gemaaid gras. Misschien zal er zelfs een madeliefje in gaan groeien. Een klein kioskje waar stuifmeel genuttigd kan worden. Zo zal het bijenpubliek aangetrokken worden en zal mijn hommel niet meer alleen zijn.

En hoewel heide ook vlinders aantrekt bedacht ik me dat ik het uitgaansleven maar moest opfleuren met een Buddleia. Als insect is het natuurlijk altijd fijn als er meerdere locaties in de buurt zijn waar je in overvloed kunt lunchen met vrienden of soortgenoten. Nu is het nog wachten op het lentezonnetje wat alles laat groeien en bloeien. Zodat het aantrekkelijker wordt voor de insecten om straks een terrasje te gaan pikken en tot in de late uurtjes te blijven hangen in mijn nieuwe voortuin.